Laatste berichten

Menu

  • Menu
    Vandaag aten we magnetron-penne van de Appie Heyn met dode vis, dode groente en nog wat ondefinieerbare ingrediënten. Er staat nog een bak met een kilo magnetronklare kipkluifjes - dus die gaat er vanavond ook nog door.

    Gisteren aten we pizza met paprika, dode vis, dood beest en kaas

    Eergisteren aten we Indonesische Babi Gangbang, Viennetta en toastjes met Brie, Camembert en Garnalensalade

augustus 2009

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            
Neem inhoud van deze site over (XML)
web-log.nl, powered by TypePad
DROOG, HET WEBLOG
Experimenteel weblog met ruimte voor mijmeringen over ruimte, forteanistische verschijnselen en het vorticisme, poëzie-gerelateerde uitlatingen en andere zaken.

Onder redactie van Liesbeth van Dalsum en Bart FM Droog, liefdeskoppel te Epibreren


alle wijzigingen voorbehouden

15 februari 2006

Onwijs gave cursus!

Vanaf 15 februari 2006 verzorgen webloggroep de Contrabas en poëziedagblad Rottend Staal Online de cursus Debuteren met poëzie. Ze willen aankomende dichters niet alleen wegwijs maken in de wereld van uitgevers, agenten en boekhandelaren, maar ook begeleiden bij het schrijfproces. Docent is een van de geliefdste dichteressen van het land: moi!

5 februari 2006

Unesco eert Liesbeth met prijs!

Omdat ik zo geliefd en bijzonder ben heeft Unesco 21 maart uitgeroepen tot wereld-Liesbeth van Dalsum-dag (mijn naam in het Engels vertaald luidt 'World Poetry'). Er wordt op die dag een zeer bijzondere, naar moi vernoemde prijs uitgereikt.

Het is natuurlijk best wel sneu voor al die andere dichteressen die het zonder een naar hen vernoemde priijs moeten doen. Maar ja, dan moeten o.a. Anneke Claus, Rozalie Hirs, Diana Ozon, Hannie Rouweler, Albertina Soepboer en Ilse Starkenburg maar een betere kapper nemen. Tip voor de dames: kijk eens op Haarmode.

Maar eerlijk gezegd denk ik niet dat verandering van kapsel de oude besjes veel zal helpen. Ze hebben immers nog niets eens een straat naar hen vernoemd gekregen, de zielepietjes:

Poëzie Publieksprijs 2006

De voorbereidingen voor de op Gedichtendag 2007 uit te reiken Publieksprijs voor beste poëziebundel 2006 zijn alweer van start gegaan; volg het op de Publieksprijs 2006-site.

Het experiment om de Publieksprijs voor beste poëziebundel 2006 het eerste zoekresultaat bij zoektochten op Google te maken is ook begonnen.

Wat kan gebeuren als massaal op deze manier gelinkt wordt: Publieksprijs!

Volg het op Google: http://www.google.nl/search?hl=nl&q=publieksprijs&meta=


26 november 2005

WINTERTUIN DAG 7: EUROSLAM

Nijmegen - Het was een historische avond, de avond van 24 november 2005: tienduizenden automobilisten zaten in door sneeuwstormen veroorzaakte files vast op 's rijks snelwegen en tienduizenden gestrande treinreizigers werden ondergebracht in kazernes, schoolgebouwen, gymzalen en beursgebouwen. Jazelfs het leger werd op de snelwegen ingezet om de nooddruftigen van voedselpakketten en dekens te voorzien.

Dat al weerhield een veertigtal dappere inwoners van Nijmegen niet om naar Doornroosje te gaan voor Wintertuins Euroslam: een avond met toppers uit de Europese poetry performance-scène. Een avond die ik eigenlijk niet had mogen bijwonen - werd te Amsterdam verwacht maar moest door het verkeersinfarct mijn optreden aldaar afzeggen (mijn eerste afzegging in een 24-jarige podiumcarièrrre). Dus was ik te Nijmegen en werd daar onverwacht presentator.

Tjitse Hofman, de beoogd presentator en gewaardeerd mede-Epibrator was met Anneke Claus om 11 uur 's ochtends in zijn lichtblauwe Volkswagenliefdesbus uit Groningen vertrokken, stond om zes uur 's avonds in de file voor Arnhem en arriveerde eerst om 1.15 uur te Nijmegen. Vandaar dat de Wintertuindirectie mij vroeg zijn taak over te nemen en verkreeg ik de eer en het genoegen wereldtoppers in Doornroosje te mogen presenteren. Wat wel betekent dat ik geen 'normale' recensie kan schrijven - dus lezer, wees gewaarschuwd.


De avond bestond uit solo-optredens van Pilot le Hot (Parijs, Frankrijk), Thomas Logghe (Gent, België), Robin Gerritsen (Arnhem, Nederland) en Kat François (Londen, Verenigd Koninkrijk)., afgewisseld met voorstellingen uit het Connect-project door respectievelijk de Poolse dichters Marta Skotnicka, Dorota Kwinta en Wojtek Cichon, bijgestaan door de Duitse vertalers Franziska Hammeran en Rainer Mende, de Nederlandse musici Frank Windemuller (piano) en Sara Ekwall (trompet) en DJ Eli Groen; de Duitse poëet Max Bilitza en de Tjechische dichter/violist Tomas Vtipil - waarbij Ulrike Hoinkis voor de geprojecteerde vertalingen zorgde; en Robin Gerritsen en Lasse Samström (Duitsland) en de eerder genoemde muzikanten, met hulp van Franziska Hammeran voor de vertalingen).

Pilot le Hot - die vorig jaar in Nederland optrad bij Poetry International en de Wintertuin, bracht op zijn kenmerkende energieke wijze zijn gedichten, waarbij de verzen met Engelse vertalingen gebeamd werden. Le Hot, die al elf jaar te Parijs een wekelijkse Poetry Slam organiseert (zie www.ffdsp.com en www.slameur.com en buiten Europa ondermeer te Zimbabwe, Amerika en Madagaskar optrad, vroeg ik voor het optreden wat zijn perceptie was van de rellen in Frankrijk, eerder deze maand. Hij had er midden in gezeten - hij gaf in die periode workshops in de wijken die zo in het nieuws waren, maar volgens hem stelde wat er gebeurd was niet veel voor: incidenten die door de pers waren opgeblazen en door de politiek misbruikt voor eigen gewin. Al sinds jaar en dag steken baldadige Franse jongeren auto's in de hens - niets nieuws onder de maan, derhalve.

Thomas Logghe, eerder dit jaar in de Landelijke Poetry Slam-finale, droeg zijn poëmen met veel gebaren en schalkse dansjes voor. Hij heeft net als Arnhemmer Robin Gerritsen nog weinig gepubliceerd - daar moet binnenkort maar eens verandering in komen - en is net als Gerritsen een relatieve nieuwkomer. Gerritsens gedichten zijn een mengeling van onderbroekenlol en absurdisme - ze zijn op het gehoor mede te pruimen vanwege de gedistingeerd-vieze wijze waarop hij ze brengt.

Kat François (Londen, Engeland), wereldkampioen Poetry Slam, heeft alles wat een goed optredend dichter in huis moet hebben: ritme, stemvariatie, charisma en bovenal ijzersterke gedichten en durf: haar laatste gedicht bracht ze met de geimproviseerde muzikale ondersteuning van violist/dichter Tomas Vtipil. Retestrak en gigagaaf.

Tussen de solo-optredens onden de voorstellingen uit het door Nijmegen 2000 gefinancierde Connectproject: een internationaal samenwerkingsproject, mede bedoeld om werk van jonge dichters vertaald te krijgen. De hele week hadden de dichters, muzikanten, dj's, vj's en vertalers hard gewerkt om de voorstellingen waarmee ze nu door Nederland en Duitsers touren voor elkaar te krijgen, en met resultaat.

De Polen - Marta Skotnicka, Dorota Kwinta en Wojtek Cichon - brachten een gemeenschappelijk optreden, waarbij Skotnicka en Kwinta af en toe in duet voordroegen en Cichon solo - alledrie in het Pools en zo goed en betoverend dat ik niet naar de gebeamde vertalingen hoefde te kijken om meegezogen te worden in de sferen die ze neerzetten. Van Cichon was ik het meest onder de indruk: zijn voordracht was zo vol van ingetogen spanning dat het bijna beangstigend werd.

Het geslaagdst vond ik het optreden van Duitser Max Bilitza (1980, zie ook z'n oude site) en Tsjech Tomas Vtipil (1981): hun Duits-Tsjechische voordracht was eenheid, spannend, meeslepend, gedragen, pakkend, kortom: wauw! Bilitza's gedicht 'Bist du enttäuscht Land / bist du in Deutschland, door Vtipil heftig ondersteund op viool, ramde erin als een vliegtuig in een wolkenkrabber. Vtipil deed me heel sterk aan Jan Klug denken - ook zo'n multitalent van een bovenmatige lichaamslengte. Reden voor mij te vermoeden dat de nu nog piepjonge Vtipil zal uitgroeien tot een wereldberoemheid - hou die naam dus in de gaten.

En het absurdst was de show van Lasse Samström en Robin Gerritsen. Op de prachtmuziek van pianist Windemuller en trompettist Ekwall reciteerde Gerritsen zijn vieze verzen en lag Samström op een tafel een post-mortem gedicht voor te lezen. Getweeën brachten ze ook een soortement mix van heavy metal en gedistingeerdheid die in ieder geval aan het lachen bracht.

Op het eind van de avond arriveerde de Zweed Henry Bowers die de reis Schiphol-Nijmegen tien uur had gekost. Deze zwaar bebaarde viking bracht - zichtbaar opgelucht dat hij toch nog kon optreden - met veel energie Engelstalige gedichten en ook een Zweeds vers, dat geinspirteerd was op de song 'Saskia' van de Nederzweedse tekstschrijver Cornelis Vreeswijk (1937-1987).

Na afloop bietste ik een jointje van twee jongens, Pascal en Vincent, die deze avond op doortocht van Amsterdam naar Maastricht in Nijmegen gestrand waren en de nacht in een door de NS gecharterde gymzaal moesten doorbrengen. Met een beetje geluk zijn ze nu waar ze zouden moeten zijn - en kon ik me traditiegetrouw bedrinken. Twee flessen later viel ik tevreden in het Wintertuinkantoor in slaap. Het was een mooie en legendarische dag. Waarvan akte.

25 november 2005

Geen Droog in Perdu

Gezien de sneeuwstormen, de 800 kilometer file op de weg en de urenlange vertragingen bij de NS heb ik helaas Perdu te Amsterdam moeten afbellen voor de discussie van vanavond. Ik hoop dat de organisatie een vervanger voor me heeft weten te vinden, die met Marc Kregting, Hans Groenewegen en Dick van Halsema kan discussieren over een aantal aspecten van de hedendaagse kritiek.

Ik verblijf vanavond derhalve wederom bij de Wintertuin in Nijmegen, een beetje bezorgd over Anneke Claus en Tjitse Hofman, die vanuit Groningen naar Nijmegen onderweg zijn voor respectievelijk een optreden bij en de presentatie van de Euroslam in Doornroosje. De kans is namelijk erg groot dat ze vastzitten in die geheimzinnige file op de Veluwe, waar men dekens en brandstofrantsoenen uitdeelt. Mochten ze het niet overleven, dan wil ik nu alvast zeggen dat ik hun dood toch wel wat jammer zou vinden.

WINTERTUIN: DAG 6: GERARD REVE

Nijmegen - De Wintertuin had zes singer-songwriters de opdracht gegeven een eigen interpretatie te maken van het gedicht 'Alleen' van Gerard Reve. Reve schreef het als zestienjarige in 1939 (ik weet het nog goed) en het klinkt nog steeds verrassend fris:

Ver weg het donkre water op.
Ging ik eens in een kleine boot;
De wind lag stil en zonder stoot
Van golfslag voer ik zwijgend voort.
En schouwde om mij heen:
Een vis die door het water schoof
Een vogel die de lucht in stoof.
En ik zat in mijn boot en dacht:
Een vis die door het water schuift.
Een vogel die de lucht in stuift.
En ik hier in mijn boot.

De resultaten waren gisteravond in Doornroosje te horen, in het Wintertuinprogramma Poetracks, dat door circa 138 mensen werd bijgewoond. Natuurlijk was ik benieuwd hoe de toestemming met Reve's levenspartner en zakenbehartiger Joop Schafthuizen geregeld was. Zoals gebruikelijk deed de heer Schafthuizen weer moeilijk als vanouds: het gedicht mocht niet in de festivalkrant worden afgedrukt, er mochten géén opnames van de uitvoeringen gemaakt worden maar het gedicht mocht wel eenmalig door alle muzikanten uitgevoerd worden. Tsja, zou Martin Bril zeggen.

Gastheer van de avond was Rick de Leeuw, die voor elke aankondiging het gedicht reciteerde, en elke keer steeds beter. Het grappige was dat zijn introducties op ouderwetse poëzielessen leken: door het vele malen herhalen van het gedicht kon op het einde van de avond het publiek het gedicht meereciteren, zonder dat het geprojecteerd werd.

Enfin: de muzikanten. Elke act speelde eerst twee eigen nummers en als derde de Reve-interpretatie. Solo (de gitarist/zanger en pianist van J. Perkin) kon me met hun eigen materiaal niet bekoren: zeikerige muziek, met Engelstalige tekst. Nee, dan was hun Reve-vertolking een stuk beter. De tweede act, Mullhouse, met pianist en drummer was eigenlijk hetzelfde verhaal.

Gelukkig was act drie klasse: Solex. Twee dames op synthesizer (of hoe zo'n ding ook heet - jawel, u merkt dat ik géén muziekjournalist ben) en drum brachten twee energieke en swingende eigen composities en verwerkten samples van Reve's stem in hun interpretatie. Klasse!

Henk Koorn (Hallo Venray) ontpopte zich als muzikale clown en poogde op gospelkerkzangwijze met hulp van de uit het publiek getrokken assistenten Henk en Vincent de massa mee te laten zingen. Het lukte niet helemaal - maar dat mocht de pret niet drukken. De interactie was in ieder geval geslaagd. Na het Reve-lied bracht hij een gestoorde song over Japanse auto's, waarover hij zei dat hij dat onderwerp ook wel literair genoeg vond. Het heette 'I don't like Japanese cars' en bestond voornamelijk uit die regel en prachtig gitaargebeuk, dat menig lachsalvo veroorzaakte. Zeer gaaf.

De andere twee acts Anne Soldaat (Darryl Ann) en Henk Hofstede (de Nits) konden me evenveel boeien als de twee eerste acts, namelijk eigenlijk niet - maar zoals gezegd, ik ben géén muziekjournalist. Het publiek vond het zover ik kon inschatten wel mooi wat de knaapjes van Daryl Ann en Henk Hofstede lieten horen, en daar gaat het natuurlijk om.

Na afloop fietste ik op een festivalfiets-zonder-verlichting, die me eerder op de avond mijn eerste bekeuring te Nederland opleverde, à 25 euro, door de eerste sneeuwstorm van het jaar terug naar het festivalkantoor, waar een alcoholische nazit voor festivalmedewerkers en artiesten gehouden werd tot een uur of drie vannacht. Door een ondergesneeuwd nachtelijk Nijmegen toog ik naar mijn iglo. Het was weer eens een prachtige avond geweest.

Rottend Staal op locatie

Publieksprijs en Google-Experiment

Het experiment om de Publieksprijs voor beste poëziebundel 2005 het eerste zoekresultaat bij zoektochten op Google te maken lijkt te slagen: gisteren stond het nog op de 23ste plaats, vandaag met stip naar de nummer twee positie gestegen.

Het streven blijft natuurlijk de eerste positie te bereiken. Wat kan en gaat gebeuren als nog massaler op deze manier gelinkt wordt: Publieksprijs!

Volg het op Google: http://www.google.nl/search?hl=nl&q=publieksprijs&meta=

Het laatste nieuws is dat intussen twaalf uitgeverijen de prijs sponsoren én dat inmiddels de helft van de dichters die in 2005 een boek uitbrachten/uitbrengen hun favoriete gedichten uit hun respectievelijke boeken heeft ingestuurd.

24 november 2005

WINTERTUIN DAG 5: LINTON KWESI JOHNSON

Nijmegen - Circa tweehonderd mensen woonden woensdag in Doornroosje de voordracht bij van de legendarische Brits-Jamaicaanse dichter Linton Kwesi Johnson (1952). Het was volgens hem alweer dertien jaar geleden dat hij voor het laatst in Roosje stond, toen met One World Poetry, de spraakmakende tournees met toppers uit de internationale poëzievoordrachtskunst die de eveneens legendarische Ben Posset (1945- 1994) vroeger, toen alles beter was, organiseerde.

Het was de eerste keer dat ik Johnson live zag, terwijl ik zijn werk al meer dan twintig jaar ken en waardeer, dus was ik van te voren een beetje bang dat zijn voordracht me tegen zou vallen wegens te hoog gespannen verwachtingen. Gelukkig bleek mijn angst ongegrond: Johnson kwam, sprak en overwon. Het applaus dat hem na afloop ten deel viel was voor Nederlandse begrippen ongekend lang en ik denk zelfs dat er een toegift ingezeten had als wat mensen uit het publiek daarom geroepen hadden - maar dat mocht niet zo zijn.

Terug naar het begin: Johnson werd ingeleid door Christine Otten, de schrijfster die vorig jaar furore maakte met haar boek over The Last Poets en begin dit jaar Johnson voor een blad interviewde. Tot mijn verbazing las ze dat interview gewoon voor, inclusief de volslagen irrelevante passages over welke trein ze nam, hoe Johnson gekleed ging en nog erger: ze haalde het in haar hoofd gedichten van Johnson te citeren. Volstrekt overbodig en ook gênant: Otten kan evenmin als ik of u accentloos Engels en laat staan Jamaicaans-Engels spreken, wat de dichter die op het punt stond op te treden wel kan - althans, enfin, men begrijpt wat ik bedoel.

Je kan je zelfs afvragen of een wereldberoemheid als Linton Kwesi Johnson anders dan met zoiets als: 'Ladies and gentlemen, Damen und Herren, Madames et Messieurs, Dames en heren, het is ons een eer en genoegen LINTON KWESI JOHNSON aan te mogen kondigen.' aangekondigd moet. Ik denk van niet.

Het tweehonderdkoppige en qua leeftijd zeer gemêleerde publiek wist namelijk wie hij was - het was uit het hele land en zelfs ook van daarbuiten naar Nijmegen gekomen om Johnsons enige optreden in Nederland bij te wonen. Zulke mensen ga je niet vervelen met zaken die er niet toe doen of die ze toch al weten.

Enfin, bijna genoeg over Ottens inleiding. Eerlijkheidshalve dient gezegd dat ze wat ziekig was en dat ze daarom misschien voor het voorlezen van een interview gekozen had en anderzijds heeft zo'n saaie introductie het voordeel dat het publiek des te gretiger werd toen de inleiding voorbij was en het eindelijk kreeg waar het voor kwam: Linton Kwesi Johnson.

Applaus.

Johnson kwam op, vertelde dat hij van applaus hield maar, daar hij zoveel mogelijk gedichten wilde brengen, verzocht hij het applaus tot het eind te bewaren. Hij legde uit dat hij op chronologische volgorde gedichten ging brengen uit zijn in 2002 bij Penguin in de reeks Modern Classics verschenen bundel Mi Revalueshanary Fren: Selected Poems - een heel bijzondere bundel: Johnson is de eerste zwarte en tweede levende dichter die ooit in deze prestigieuze reeks een boek heeft uitgebracht, waarvan akte - en stak van wal.

God, wat heeft die man een mooie stem en wat een muziek zit er in zijn woorden! Omdat veel van zijn werk ook op plaat is gezet kenden veel mensen in de zaal gedichten van hem uit het hoofd en konden het niet laten af en toe met hem mee te spreken: een fascinerende beleving die weinig dichters mogen meemaken.

Het verhaal dat Johnson vertelde was ondermeer het verhaal van Jamaica, het verhaal van de Jamaicaanse immigranten in het Verenigd Koninkrijk, van politiegeweld en racisme, van de emancipatie van zwarten in Engeland. En dat al gevat in goed klinkende gedichten, omlijst door situatieschetsen en waar nodig enig historische achtergrondinformatie.

Hij sprak ergens tussen de dertig en veertig minuten - net te kort voor Babs Gons, poëzieprogrammeur van het Amsterdamse Paradiso, die door autopech was opgehouden en die net als ik Johnson niet eerder live had gezien. Ik tipte haar om op donderdag door te reizen naar Düsseldorf, waar hij vandaag optreedt, want Johnson - die moet je nu eenmaal gezien hebben.

POETRY JAM

Op de Universiteit waren woensdagavond twee Wintertuin-onderdelen bij te wonen. Er was een lezing door VPRO-programmaker Bram van Splunteren, die citeerde uit nogal onthutsende mails die collega VPRO-makers hem zonden naar aanleiding van een tv-documentaire over zijn eigen echtscheiding. En er was in het Cultuurcafe de Poetry Jam, met als deelnemers Robin Gerritsen, Diede Gulpers (* 1987!), Arnoud Rigter, Benne van der Velde en Peter M. van der Linden, muzikaal begeleid door de Nijmeegse contrabassist Wiro Mahieu en een pianist.

Over die Poetry Jam doet Peter M. van der Linden op zijn site verslag.

TIP VOOR VRIJDAG

Bezoek op vrijdag 25 november vooral de Euroslam in Doornroosje. De titel is een beetje misleidend: het is goddank geen Poetry Slam, maar een avond met jonge, goed optredende dichters en muzikanten uit België, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Nederland,Polen en Tsjechië. Gaan!

Rottend Staal op locatie

23 november 2005

WINTERTUIN DAG 4: ZOENEN EN BUKOWSKI

Nijmegen - Dinsdagavond bracht ons een Zoencollege door Dieke van Ewijk - - en een onderhoudend programma over Charles Bukowski en Nijmegen in Doornroosje.

HET ZOENCOLLEGE

Dieke van Ewijk (1974) publiceerde in 2004 het boek Zoenen! (Vassallucci), na eerder met een zoenprogramma op het theaterfestival De Parade te hebben gestaan. In het kleine volgepakte zaaltje 'Rode Laars', dat verstopt zit in de Erasmustoren van de Radboud Universiteit vertelde ze de veertig aanwezigen van alle ins and outs van het zoenen. Van de ontwikkeling van de begroetingskus via de hand naar de wang tot de diepste tongzoen, en alle biochemische processen die daaraan gepaard gingen.

Het was een lichte, vermakelijke power pointlezing, die eventjes gruwelijk werd toen Van Ewijk de geneugten van het zoenen na een tongsplijtoperatie ophemelde en beelden vertoonde van twee lieden met gespleten tongen. Pure horror waar ik niet naar kan kijken.

CHARLES BUKOWSKI EN NIJMEGEN

De kleine zaal van Doornroosje was gevuld met een zestigtal jonge tot oude mensen. Frank Antonie van Alphen en Stijn Kateman vertelden het verhaal achter een aan ene Hans van den Broek gerichte brief van Charles Bukowski. Kateman had een kopie van die brief gekregen van zijn dode oom Fons. In de brief ging het over censuur door het Nijmeegse Openbare Bibliotheekbestuur anno 1985 betreffende Bukowski's boek Verhalen van alledaagse waanzin.

Een verontruste en vooral anonieme dame had bij het bestuur geklaagd over de inhoud van het boek, dat volgens haar anti-vrouw, anti-homo en anti-zwarten zou zijn. Het toenmalige bibliotheekbestuur vergaderde over die brief, besloot met drie stemmen voor en twee tegen de klacht te honoreren en Bukowski's boek verdween van de planken en uit de catalogus.

Wat op zijn beurt een eveneens anonieme bibliotheekmedewerker verontrustte, die daarop bij een journalist van het Nijmeegs Dagblad de klok luidde. Die journalist, Hans van den Broek, publiceerde over deze verwijdering, de lokale politiek begon zich ermee te bemoeien, en twee jaar later werd het boek weer op de plank teruggezet.

In die tijd, we spreken van 1985-1987, kreeg de toen nog piepjonge Van den Broek de inval deze Nijmeegse affaire aan Bukowski zelf voor te leggen. Tot zijn stomme verbazing antwoordde de Amerikaanse schrijver - in die brief, waarvan een kopie bij de oom van Stijn Kateman belandde, stond ondermeer wat Bukowski van de moraalridders vond: 'witch-hunters and the declaimers against reality'.

Die brief en het hele bijgaande verhaal is binnenkort na te lezen in het boek Bukowksi in de ban (voor 1 januari 2006 te bestellen bij de Wintertuin). Op zich een boeiend verhaal, maar veel boeiender was dat door deze brief een beeld werd gegeven van de Nijmeegse gemeentepolitiek en lokale pers midden jaren tachtig. En wel door voormalig gemeenteraadslid Moniek Wiedijk en Hans van den Broek, een driftig participerend publiek en gespreksleider Frank Tazelaar.

Van Alphen besloot deze onderhoudende avond met het voorlezen van een bijzonder komisch edoch luguber verhaal van Bukowski, een verhaal waarin twee idioten zich aan een lijk vergrijpen.

GEMIST

Het optreden van De Kift - had er graag bij willen zijn, maar uitvaart en het moeten schrijven van het stukje van gisteren maakten dat helaas onmogelijk.

Rottend Staal op locatie

DE UITVAART VAN LOUIS SÉVÈKE DEEL II

Nijmegen - Woensdagmorgen 23 november. De rust is weergekeerd op begraafplaats Daalseweg. Twee arbeiders werken aan een graf, een oude dame schuifelt naar het graf van haar in 1932 gestorven zus en bloemen bedekken de gele aarde waaronder Louis Sévèke rust. Gisteren bewezen meer dan 1000 mensen hier de laatste eer aan een man die streed voor 's werelds zwakken en tegen machtsmisbruik - nu blaast een zachte novemberwind door de kaler wordende bomen.

Als ik in Nijmegen ben bezoek ik bijna altijd deze begraafplaats, waar naast imposante grafmonumenten voor eens bekende maar inmiddels vergeten Nijmegenaren ook de slachtoffers van de Spaanse grieppandemie van 1918/1919 en van het bombardement van 1944 te vinden zijn. Een paar jaar geleden dreigde sluiting voor dit grafveld - goddank realiseerde men op tijd dat deze dodenakker in de eerste plaats een monument is voor Nijmegen zelf, een stadspark vol geschiedenis.

In 1983 - was 17 en amper zindelijk - kwam ik er voor het eerst. Logeerde verderop aan de Daalseweg bij punkvrienden die een leegstaande wassalon hadden gekraakt. Ruige jongens, die op het einde van de nacht hun ontbijt stalen bij een supermarkt om de hoek - het was in de dagen dat leveranciers hun waren in alle vroegte nog buiten winkels op straat zetten - eigenlijk kleine criminelen die auto's openbraken en volop speed snoven - later stapten ze massaal over op de heroïne en ik vrees dat hun levens ergens eind jaren tachtig eindigden.

Gisteren zag ik ze tenminste niet. Niet buiten de Stevenskerk, niet in de kerk, niet in de rouwstoet, niet op het grafveld. Toch waren ze er, in mijn hoofd en in de hoofden van velen uit de actiewereld, net als de herinneringen aan tal van acties, rellen en demonstraties die in de jaren tachtig behoorlijk populair waren onder de jeugd-van-vroeger. Ik weet het nog goed.

Tijdens de herdenkingsdienst werd er gerefereerd aan een paar van die acties, waar Louis Sévèke aan had deelgenomen. Aan de gewelddadige ontruiming van de Mariënburcht bijvoorbeeld - waar ik zelf niet bij was, maar veel bevriende Groninger punks en krakers wel. Het moet in 1987 geweest zijn, het jaar waarin ook de 'Slag om Borsele' plaats vond, bij mijn weten de enige rel waarbij de demonstranten de Mobiele Eenheid te grazen namen: 150 agenten werden verwond, tegen twee arrestaties aan 'eigen' kant. Hoewel die actie eigenlijk gericht was op sluiting van de kerncentrale werd het een wraakneming door actievoerend Nederland op de politie, die kort tevoren bij die andere kerncentrale pacifistische betogers had vergast met traangas en knuppelgeweld.

Borsele 1987 was het Alesia van de Nederlandse M.E. Voor Borsele-veteranen aan politiezijde richtte men zelfs een psychiatrisch tehuis op, waar agenten hun trauma konden verwerken. Actievoerend Nederland leerde van Borsele dat de politie verslagen kon worden - een slechte les die in de jaren erna voor veel onzinnig geweld zorgde en bijdroeg aan de teloorgang van de kraakbeweging - maar dat is weer een heel ander verhaal.

Anyhow, met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid moet Louis Sévèke in 1987 in Borsele geweest zijn. Net als ik, net als de circa 1500 mensen die toen actievoerend Nederland vormden. En daarom, of beter gezegd, mede daarom, woonde ik zijn uitvaart bij, als laatste groet van een veteraan aan een andere veteraan.

En nu ligt hij daar, begraven op het grafveld naast het Wintertuinkantoor. Onze lijken worden oud. Het zijne in de grond, het mijne nog erboven.

Eigenlijk wilde ik hier beschrijven wat er gebeurde voor en tijdens de uitvaartdienst. Hoe ik twee uur te vroeg bij de kerk arriveerde, hoe ik dat gebouw bekeek en hoe ik me verwonderde over de mensen die in de loop der eeuwen aan haar muren waren voorbijgegaan, hoe de mensen zich anno 2005 verzamelden, hoe koud het was in dat middeleeuwse gebouw, hoe de toespraken waren, maar nee - deze uitvaart rakelde vooral mijn eigen verleden op.

Toch ontkom ik er niet aan - en gelukkig maar! - vier toespraken aan te halen die de kranten niet haalden: die van de vriend, zus en broer van Sévèke: hun verhalen over hun Louis brachten hem terug tot leven - en zolang zij en de mensen die hem gekend hebben leven zal ook Louis Sévèke blijven leven. De vierde spreker was Sévèke's co-auteur van het boek Operatie Homerus - misschien wel het boek dat Sévèke het leven kostte), die vertelde hoe op hij de zondag voor de moord tijdens een wandeling door het rivierengebied gevolgd werd door een zwerm kraaien, als voorbode van naderend onheil.

Rottend Staal op locatie

De Avonden bedreigd

De Raad van Bestuur van de Publieke Omroep is voornemens De Avonden van radio 747 te verwijderen.

In een nieuwe opzet voor de zender wordt deze vooral bestemd voor lichte muziek Voor cultuur, zoals De Avonden die nu al meer dan tien jaar vijf avonden per week verzorgt is geen plaats meer. Dit voornemen is een regelrechte ramp.

De Publieke Omroep zal aan een groot deel van het culturele leven in Nederland, zoals dat tot uiting komt in bv. literatuur, poëzie, beeldende kunst, non-fictie, documentaires, hoorspel, film, architectuur en theater geen aandacht meer besteden op de radio. Gevreesd moet worden dat het vage alternatief dat mogelijk wordt geboden ('iets op de Concertzender') niet meer zal blijken dan een doekje voor het bloeden.

Wat ons betreft is er een grens overschreden. Wij roepen iedereen op tegen dit schandelijke voornemen te protesteren. Mail ons uw steunbetuiging op avondenprotest@vpro.nl.

Ingezonden mededeling van De makers van De Avonden

22 november 2005

DE UITVAART VAN LOUIS SÉVÈKE

Nijmegen - Met de Nijmeegse Stadsdichter Merijn Hilte woonde ik vandaag de uitvaart bij van de vorige week vermoorde Louis Sévèke. Morgen het verslag. Waarin wellicht deze in de Stevenskerk ontstane dichtregels terug zullen komen:

GEDACHTE BIJ KIST IN KERK

voor Louis Sévèke (1964-2005)

Koud als het lichaam in de kist
rouwt het hart dat van nergens weet

en ergens onder mediterrane zon
schuiven biljetten van hand tot hand

wie waarheid zoekt een einde vindt.

Bart FM Droog, 2005

Meer over de uitvaart in De Gelderlander (gratis registratie verplicht). Op Merijn Hilte's weblog is inmiddels zijn officiële Stadsgedicht bij deze treurige gebeurtenis te lezen.


Rottend Staal op locatie

DE WINTERTUIN - DAG 3: RAOUL HEERTJE

Nijmegen - In een bomvolle Collegezaal 1 van de Radboud Universiteit luisterde maandagavond een 450-koppig voornamelijk uit studenten bestaand publiek, naar de lezing van cabaretier/stand-up comedien Raoul Heertje over 'Smaak en humor'. 't Was de eerste keer dat Heertje een lezing gaf, en ik hoop dat het niet de laatste keer was: de man hield een boeiend betoog, gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen, een verhaal waar iedereen die regelmatig op een podium staat veel van kan leren.

Zo ging hij diep in op de vraag hoe het publiek beoordeelt wat degene die op de planken staat doet. Hoe succes artiesten kan omarmen, waardoor de artiest met de massa ten onder kan gaan, door het publiek te geven wat het verwacht. Hoe 'foute' grappen, die gebracht worden om 'foute' grappen of 'fout' gedrag aan de kaak te stellen, het gevaar lopen niet als zodanig herkend te worden. Hoe cabaretiers makkelijk denken te scoren door het te hebben over seks, scheten of Gordon. Wat de kracht is van komieken als Freek de Jonge en Hans Teeuwen.

Hij had het natuurlijk ook over hoe hij tegen het gros van de programma's van de Tros aankeek: merendeel bagger. Een opmerkelijke eerlijke uitspraak voor een van de makers van het Tros-propgramma Dit was het nieuws. Een programma dat hij en de andere makers in alle vrijheid kunnen maken: de Tros heeft zich er tot op heden nooit inhoudelijk mee bemoeid en is blij met het programma omdat het deze omroep neutrale tot positieve recensiesw oplevert in de 'kwaliteitskranten'.

Ook sneedt hij de angst aan die nu in Nederland heerst. En daarmee samenhangend de angst van cabaretiers om het bijvoorbeeld over de islam te hebben. En over hoe theaterdirecteuren en zenderbazen dachten: het maakt ze niet uit of iets al dan niet aan de goede smaak voldoet, als de zaal maar vol zit of de kijkcijfers hoog genoeg zijn.

Hij haalde ook Groucho Marx' definitie van humor aan: humour = tragedy + time. Wat betekent dat als er maar genoeg tijd verstreken is je er grappen over kan maken. Een definitie die je aan het denken zet, maar die direct ook onderuit werd gehaald. Raoul Heertje refereerde in dit verband aan een profeet die toch al geruime tijd was overleden, maar waar nog steeds geen grappen over mogen worden gemaakt.

Enfin: dit Wintertuinonderdeel was onderhoudend, boeiend en vooral heel leerzaam. Of je nu cabaretier, dichter of publiek was.

Rottend Staal op locatie

21 november 2005

WINTERTUIN DAG 2: RIJKE STOF MAAR GEMISTE KANS

Nijmegen - De eerste woorden die bij het betreden van de expositie 'Rijke uren' in Museum Het Valkhof door m'n kop schoten waren: 'Wat een sufkoppen, die dichters!' Goed - waar gaat dit over? Elk jaar maakt de Wintertuin een tentoonstelling rondom beeldende kunst en poëzie. In 2005 mondde dat uit in een expositie met als uitgangspunt het calendarium uit Les tres riches heures du Duc de Berry van de gebroeders van Limburg, u weet wel, die drie jonge Nijmeegse kunstenaars die in 1400 naar Parijs togen en daar hertogelijke en koninklijke hoven werkzaam waren en miniaturen vervaardigden die tot de hoogtepunten van de laat-middeleeuwse kunst gerekend worden.

Museum Het Valkhof had tot gisteren een zeer bijzondere en zeer druk bezochte tentoonstelling over leven en werken van de broers. de Wintertuin had twaalf beeldende kunstenaars en twaalf dichters aan elkaar gekoppeld. Elk koppel moest een beeldend werk en gedicht afleveren gebaseerd op steeds een maand uit het beroemde getijdenboek van de broertjes Van Limburg. De resultaten van die samenwerking waren te zien in een helwitte kelderzaal van het museum en zijn afgedrukt in het boek Rijke Stof (15 euro, ISBN 90-7772-15-X).

Bij de Rijke Stof-expositie waren helaas geen afbeeldingen van de originele werken te zien. Misschien vanuit de gedachte: die bevinden zich wel in de expositie op de bovenverdieping, dus wie nieuwsgierig is naar de originelen kan ze boven bekijken. Okay. 't Is een mogelijkheid - maar ik had het wel tof gevonden als ik in die kelder ook reproducties van de originelen had mogen zien. Veel ergerlijker vond het misbruik van de aanwezige ruimte door oftewel de dichters oftewel de kunstenaars oftewel de inrichter van de expositie. Zo had Piet Gerbrandy op de maand november het mooie gedicht 'nieuwe maan aan waal waar aller...' geschreven, dat door het kunstenaarsduo Grootendorst & Van den Berg in een prachtkunstwerk van circa vier bij vijf meter verwerkt was, op een A4tje, in het meest lelijk denkbare lettertype. Was dit een cursus: hoe verkracht ik een gedicht? Of een cursus: hoe laat ik zien hoe het niet moet? Ik snapte er niets van.

Op de wand ertegenover was een gedicht van Astrid Lampe aangebracht, dat in zeer klein lettertype van plafond tot vloer reikte. Onleesbaar dus. En zo ging het maar door: ik trof er maar een vers aan dat op een prettig leesbare wijze was aangebracht: 'Aurilhosa' van Eva Gerlach, op de maand april. Vol ongeloof schudde ik mijn hoofd: wat een gemiste kans! Het leek alsof geen van de dichters, op Eva Gerlach na, nagedacht had over hoe een gedicht in een publieke ruimte 'werkt'. Lange gedichten 'werken' niet: te weinig mensen zullen de moeite nemen ze te lezen, en zeker niet als het moeilijk leesbaar is aangebracht.

Zou het misschien aan de hoogte van het honorarium gelegen hebben, dat elk dichter voor het voor deze expositie te maken gedicht ontving? Dat men daarom dacht dat de opdrachtgevers een kort gedicht niet zouden accepteren? Ik weet het niet, maar het lijkt er verdacht veel op - het is een verschijnsel dat ik bij eerdere kunst- en poëzieproject waarnaam: geef de dichter te veel geld en acute woordschijterij treedt op.

Hoe dan ook: naast Gerlach hadden Mark Boog en Albertina Soepboer gedichten geschreven die qua lengte geëigend waren om op muren af te drukken - maar wederom helaas: Boogs gedicht was op een miniem bordje aangebracht en Soepboers poëem was met uitgeknipte krantenletters in een duizeligmakende cirkelvorm op de grond aangebracht. Wederom goede lessen in: hoe doe ik het niet. En dat was des te vreemder, omdat op de muren naast de kunstwerken er in principe alle ruimte was om de gedichten groot en prettig leesbaar aan te brengen.

Terwijl ik daar zo liep waren er voordrachten van Eva Gerlach, Saskia de Jong en Piet Meeuse. Misschien wel omdat ik zo geërgerd was door de expositie konden die me niet boeien. Wat me wel kon boeien was het gastenboek, bij de ingang van de tentoonstelling. Daarin las ik opmerkingen van getergde eerdere bezoekers, die naadloos aansloten bij mijn eigen observaties. Maar toegegeven: er waren ook bezoekers die het allemaal prachtig vonden.

Tot slot: het boek. Het bevat prachtgedichten van twaalf dichters, van o.a. H.H. ter Balkt, Erik Jan Harmens, Pieter Boskma, Illja Pfeijffer(dat weliswaar vijfmaal korter had gemogen, maar toch genoemd dient) en Maria Barnas. Maar omdat voor elk gedicht weer een ander lettertype is gekozen oogt het zeer rommelig. Weer een staaltje van laten zien hoe het niet moet, in het kader van het festivalthema 'Smaak'? Je ne sais pas, mais Hivers Jardin et les poets: pak een volgende expositie toch alsjeblieft wat slimmer aan.

Rottend Staal op locatie/Drooglog

20 november 2005

WINTERTUIN 2005 - DE OPENINGSAVOND

Nijmegen - In een propvol Doornroosje brak gisteravond literatuurfestival de Wintertuin uit. En wel zo: mijn achterneefje - jawel* - en human beatboxer/zanger Raoul Thepen en DJ Lance combineerden hun skills, vielen stil, waarop Erik Jan Harmens retestrak één gedicht bracht; Thepen & Lance deden hun ding, Maria Barnas sprak één gedicht, Lance & Thepen intermezzeerden, Peter Verhelst kwam, zag en sprak één vers, Raoul & de DJ vlamden, Dimitri Verhulst reciteerde één poëem.

Het frisse gitaar- en orgelduo Monokino bracht één song, Thepen & Lance knalden en festivaldirecteur Frank Tazelaar sprak de historische woorden: 'En nu ga ik een ouderwetsche openingstoespraak houden: veel plezier bij deze elfde editie van de Wintertuin.'

Goddank! Vorige week moest ik een stichtingsvoorzitter aanhoren, die de Taaltheaternacht te Emmen opende met een langdradige warrige openingsrede waarin zo'n beetje alle Nobelprijswinnaars werden geciteerd en die uitmondde in een klaagzang op het subsidiebeleid van de provincie Drenthe. In Nijmegen bleef ons zulke ellende gelukkig bespaard.

En waar in Emmen de Taaltheaternacht vooral een festival van het amateurisme op het gebied van geluid (waarbij de soundcheck pas begon toen het publiek binnenkwam) en belichting (zo rampzalig dat ik er beter over zwijg) was, vormde de Wintertuin-opening een hoogtepunt van professionaliteit: er was goed nagedacht over het licht en zaalaankleding, het geluid was - in het begin althans - goed en het programma flitste door de snelle afwisselingen van zowel de diverse kunstvormen als door de lengte, of zo u wilt, kortheid van de acts - waarmee niet gezegd is dat dit te wijten was aan de aanwezigheid van kobolden, zoals sommige aartsmopperaars van te voren meenden.

Hoogtepunt van de avond was het optreden van de Ill Skill Squad: Edwin de Jonge, Haico van Dijk en Jakob Witte, oftewel het showteam van dit dansgezelschap uit Wageningen, sprongen in een soortement boksring die op de dansvloer van Roosje was gezet, belandden daar ondersteboven en terwijl twee langdurig recht overeind op hun hoofd bleven staan tolde de derde - de Jonge - minutenlang in het rond. Wat daarop volgde was een mengeling van breakdance, disco, ballet, acrobatiek, electric boogie en alle andere mij bekende dans- en turnstijlen op een mix van zo'n beetje alle muziekstijlen. Het was evenwel eenheid. Het was spannend - niet elke dag zie je een driedubbele achterwaartse salto mortale op een meter afstand van je geschieden. Het zal vol humor. Het was, kortom, briljant. Chapeau!

Het verdere programma speelde zich doorheen Roosje af. In de Kleine Zaal waren wat langere voordrachten door de eerder vermelde dichters, in het middencafé kokkerelden de Kutkoks hun gruwelijk uitziende maar heerlijk smakende** vruchtenshakes en frituurden in blauw beslag gehulde lekkernijen. Hun in chocolade gestopte kersenrolmopsen konden me minder bekoren, maar hé: wat de boer niet kent...

Via de Grote Zaal, waar ik zag dat Maria Barnas niet een dichter is die je na twaalven moet programmeren - daar heb je poëten voor nodig met bijzondere skills, die met één oogopslag rumoerig publiek stil krijgen - liep ik naar het voorcafé, waar Fred Papenhove en John Schoorl hun programma 'Plaatjes &'praatjes' uitvoerden: lekkere muziek, afgewisseld met voordrachten. Van te voren dacht ik: die hebben wel de kutste locatie van alle optredenden, maar in de praktijk bleek dat juist omgekeerd: de sfeer was goed, het publiek muisstil en zeer aandachtig bij hun 'praatjes', die uit voor een cafésetting zeer geëigende gedichten bestonden - en er was totaal geen overlast van muziek uit andere zalen - een probleem dat zich laat in de nacht zowel in de Grote Zaal als in de Kleine Zaal voordeed.

Terwijl op de dansvloer nog volop geswingd werd verliet ik rond een uur of drie Doornroosje, stapte in een mistige novembernacht door een verlaten Nijmegen en stond enige minuten stil bij het spontane bloemen- kaarsen- en gedichtenmonument op de plaats waar vijf dagen geleden Louis Sévèke vermoord werd. Ik was daar niet de enige.

* Raoul Thepen is de zoon van de broer van de vrouw van mijn broer Marc R. Droog - die, zover mij bekend, géén autocoureur is. Die racende Marc Droog is denk ik een broer van een van de andere Barten Droogs - maar dit terzijde

Rottend Staal op locatie/Drooglog

19 november 2005

Poëzie Publieksprijs 2005

De Contrabas en Rottend Staal hebben de Publieksprijs voor de beste poëziebundel uit 2005 in het leven geroepen. Genomineerd zijn alle oorspronkelijke als handelseditie bij reguliere uitgeverijen verschenen Nederlandstalige solo-, duo, trio- en kwartetdichtbundels uit 2005.

Er kan vanaf kerst 2005 tot Gedichtendag 2006 (donderdag 26 januari) gestemd worden. De uitslag wordt tijdens Gedichtendag bekend gemaakt.

De Poëziepublieksprijs wordt momenteel door negen uitgeverijen financieel ondersteund, te weten: De Arbeiderspers, BnM, Holland, IJzer, kleine Uil, Uitgeverij P, Passage, Poëziecentrum en Van Oorschot. Onderhandelingen met andere uitgeverijen zijn gaande.

Het laatste nieuws over de prijs is te lezen op deze pagina.

22 september 2005

Nieuw Kapsel en dossier!

Jottem! Sneller dan ik had durven hopen heb ik mijn nieuwe kapsel teruggevonden. En weten jullie waar het lag? Nou, heel gewoon in de vriezer! Stom, hè?

Liesbeths hervonden kapsel, dat dankzij Curly Hair Styles Magazine wereldkundig gemaakt wordt
Om de terugvondst te vieren hebben die lieverds uit Epibreren mijn verzamelde diepte-interviews gebundeld in het dossier Liesbeth van Dalsum - dé interviews. Als extraatjes hebben ze ook mijn avonturen in Moskou en de spannende verhalen over mijn rol in Mabelgate er bij gezet. Wat een schatjes zijn het toch! Dus als jullie meer willen weten over het gevoelsleven van Gerrit Komrij, Osama bin Laden, Anneke Claus, Gerrit Achterberg, Erik Jan Harmens, Jan Klug, Ingmar Heytze, Ruben van Gogh en Abe Bijmam, klik dan vooral op dat dossier.

Dag, mallerds!

21 september 2005

Wat een doodsheid hier

En dat klopt. En dat zal vermoedelijk zo blijven tot Bart weer wat tijd heeft om nader over het vorticisme en Charles Fort uit te wijden en ik mijn kapsel heb teruggevonden.

Tot die tijd zijn complimenten meer dan welkom, maar dan alleen voor mij, over mijn prachtige gedichten en mijn nietsontziende diepte-interviews bijvoorbeeld. Die binnenkort gebundeld zullen worden in een heus Rottend Staal dossier!

O ja, en nare reacties worden even nietsontziend verwijderd. Ik wil liefde, en anders niet.

22 mei 2005

Lieve Liesbeth 1 en 2.

Voor mij, deze door Aart Veendijk ingezonden gedichten:

Lieve Liesbeth

Laten wij samen
onze sinus bepalen
of omgekeerd evenredig
de hand slaan
aan de grondbeginselen
van Euclides
dan zullen onze lijnen
elkaar niet snijden.


Aart Veendijk, 2005


Lieve Liesbeth (2)

Gaat wat jou betreft
in konijnenjargon
worteltrekken ook
voor vermenigvuldigen?


Aart Veendijk, 2005

1 mei 2005

DON'T WORRY, BE CATHOLIC

Af en toe is Droog zat van alles en dus stil. Daarover moet men zich geen zorgen maken, want hij is katholiek en mag dus géén zelfmoord plegen van zijn geestelijk leiders, de paus en de prelaat.